Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2003

Alinea 8 Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AE8800.

2. Tegen deze uitspraak heeft verdachte op de voet van het bepaalde in art. 451a Sv cassatieberoep ingesteld. Hoewel de door verdachte ondertekende schriftelijke verklaring alleen cassatie van het eindarrest van het hof behelst, meen ik dat het geacht moet worden mede te zijn gericht tegen het tussenarrest van 24 april 2001. Van een verdachte kan immers niet worden gevraagd dat hij als hij cassatie instelt, dient na te gaan of hij dat ook wil instellen tegen een eventueel tussenarrest. Dit klemt temeer nu op het door verdachte getekende formulier het instellen van cassatie tegen een tussenarrest niet als keuzemogelijkheid aan verdachte wordt aangeboden, hetgeen in door griffies van Hoven gebezigde formulieren veelal wel het geval is. De inhoud van de middelen dient daarom doorslaggevend te zijn bij de beantwoording van de vraag of de verdachte met het beroep tegen de einduitspraak tevens beroep tegen het tussenarrest wilde instellen.(1) Nu het derde middel zich richt tegen het tussenarrest, omvat het cassatieberoep in mijn opvatting dus mede het tussenarrest van 24 april 2001.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/beb5cdc655624478830ca8d76ef285f3b19782bea20759c4e30aa682c70f51de. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt beb5cdc655624478830ca8d76ef285f3b19782bea20759c4e30aa682c70f51de, en de alinea staat in dat document op bytes 4862 tot 5968.