Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003
Alinea 152 Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AE9231.
68. Aldus ten overvloede merk ik op dat dat het Hof op feitelijke gronden de door de verdediging opgeworpen bezwaren tegen het sluiten van overeenkomsten met de getuigen, en het gebruik van de daarop verkregen verklaringen tot het bewijs, heeft verworpen, en dat het Hof bij zijn overwegingen ten aanzien van de strafbepaling heeft vermeld dat er, afgezien van de mishandeling van verzoeker tijdens zijn detentie, geen sprake is van schendingen van een behoorlijke procesorde. Het valt niet in te zien waarom de bestreden uitspraak in het licht van art. 413 Sv (NA) nog een motiveringsgebrek zou vertonen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca98436e4647be7251824c940073bfe6883e8d54aa1d1d669bec1104a37f3f49. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca98436e4647be7251824c940073bfe6883e8d54aa1d1d669bec1104a37f3f49, en de alinea staat in dat document op bytes 66916 tot 67535.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ca98436e4647be7251824c940073bfe6883e8d54aa1d1d669bec1104a37f3f49 | shasum -a 256