Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003

Alinea 63 Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AE9231.

De verdediging heeft aangevoerd dat sprake is van schending van het gelijkheidsbeginsel nu verdachte wel voor opiumdelicten wordt vervolgd en [getuige 1] niet. Zulks terwijl [getuige 1] moet worden aangemerkt als een pleger van opiumdelicten van een minstens even zwaar kaliber als die ter zake waarvan tegen verdachte vervolging is ingesteld. Volgens de verdediging had [getuige 1] voor de strafbare feiten waaromtrent hij een verklaring heeft afgelegd, welke voor verdachte belastend is, behoren te worden vervolgd en berecht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca98436e4647be7251824c940073bfe6883e8d54aa1d1d669bec1104a37f3f49. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca98436e4647be7251824c940073bfe6883e8d54aa1d1d669bec1104a37f3f49, en de alinea staat in dat document op bytes 31750 tot 32291.