Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003

Alinea 67 Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AE9231.

Ten tweede zou er - nu het Hof ook dat in het midden zou hebben gelaten - vanuit gegaan moeten worden dat eerst tijdens de verhoren, naar aanleiding van vragen van de raadsman, duidelijk is geworden dat de getuigen werden vergezeld door opsporingsambtenaren. Het proces-verbaal van de op 13 februari 2001 gehouden terechtzitting zou een verkeerde indruk wekken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca98436e4647be7251824c940073bfe6883e8d54aa1d1d669bec1104a37f3f49. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca98436e4647be7251824c940073bfe6883e8d54aa1d1d669bec1104a37f3f49, en de alinea staat in dat document op bytes 34149 tot 34523.