Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003

Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0122.

10. Het onderhavige geval wordt hierdoor gekenmerkt dat de verzekeringnemer [eiseres] gelet op art. 2.24 van de toepasselijke verzekeringsvoorwaarden gehouden was de verzekeraars zo spoedig mogelijk schriftelijk op de hoogte te stellen van de daar omschreven risicoverzwarende omstandigheden, te weten een wijziging van de omschreven bestemming of bouwaard van de opstal, van leegstand van de opstal en het buiten gebruik zijn daarvan gedurende een aaneengesloten periode die naar verwachting langer dan 8 weken zal duren; tussen partijen staat bovendien vast dat de opstal in ieder geval vanaf 31 december 1991, na het vertrek van de rechtsvoorgangster van [eiseres] ([betrokkene 1]), tot aan het evenement van de brand, op 25 december 1992, heeft leeggestaan, althans buiten gebruik is geweest, terwijl voorts vaststaat dat [eiseres] Octant op enig moment op de hoogte heeft gesteld van het vertrek van [betrokkene 1] (al betoogt Octant dat deze mededeling slechts "terloops" is geschied) en dat Octant van dat vertrek en van de daarop volgende leegstand in ieder geval op enig tijdstip vóór de brand heeft kennisgenomen (zie de in zoverre niet bestreden rechtsoverweging 8 van het vonnis van de Rechtbank).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ccb2882e9b84d35accf27c833457414fb89cd825e0e73087b60477b2d334397. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ccb2882e9b84d35accf27c833457414fb89cd825e0e73087b60477b2d334397, en de alinea staat in dat document op bytes 29668 tot 30892.