Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003

Alinea 49 Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0122.

Uitgangspunt moet zijn - mede gezien de hiervoor genoemde jurisprudentie - dat op de assurantietussenpersoon de taak rust te waken voor de belangen van de verzekeringnemers bij de tot zijn portefeuille behorende verzekeringen en dat deze taak in beginsel omvat de verplichting zo mogelijk ervoor zorg te dragen dat aan de verzekeraar tijdig de mededelingen worden verstrekt die hem ervan zullen weerhouden naderhand zich erop te beroepen dat hij van zijn vergoedingsplicht is ontslagen in verband met niet-nakoming door de verzekeringnemer van de in de polisvoorwaarden opgenomen mededelingsplicht omtrent risicoverzwarende omstandigheden. In een geval als het onderhavige zal derhalve ervan moeten worden uitgegaan dat op de tussenpersoon, behoudens bijzondere omstandigheden, de verplichting rust om aan de verzekeraar mededeling te doen van de leegstand en het buiten gebruik zijn zodra hij daarvan op de hoogte is gekomen. In het midden kan blijven welke verplichtingen verder op de assurantietussenpersoon rusten nu het door [eiseres] aan Octant gemaakte verwijt inhoudt dat zij de verzekeraars niet van de haar bekende risicoverzwarende omstandigheden op de hoogte heeft gesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ccb2882e9b84d35accf27c833457414fb89cd825e0e73087b60477b2d334397. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ccb2882e9b84d35accf27c833457414fb89cd825e0e73087b60477b2d334397, en de alinea staat in dat document op bytes 30900 tot 32098.