Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003

Alinea 80 Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0128.

3.13. Wat betreft het vrijwaren voor vorderingen van derden, lijkt mij - met Wentink en Vanhees - als uitgangspunt niet voor twijfel vatbaar dat zo'n verplichting op de licentiegever rust.(17) Een andere vraag is evenwel wat die verplichting onder de omstandigheden van het geval meebrengt, wederom in het licht van de 'Haviltex-leer'. Daarbij is met name afhankelijk van de omstandigheden of een actief (mee-)procederen op eigen kosten van de licentiegever kan worden verlangd, of dat genoegen genomen kan/moet worden met een meer of minder vergaande andere vorm van adhesie, waaronder bijv. een volmacht. Een zo'n relevante omstandigheid lijkt mij of het gaat om een serieuze, dan wel een notoir ongegronde claim van een derde. Een andere relevante omstandigheid lijkt mij of de licentienemer wel of niet zelf op de hoogte is of moet zijn van de ongegrondheid van de claim van de derde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1cb761a0a82849a1aa9ea79dde3c3cfba583b0a405b2244c20cc597edf9707e6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1cb761a0a82849a1aa9ea79dde3c3cfba583b0a405b2244c20cc597edf9707e6, en de alinea staat in dat document op bytes 29296 tot 30197.