Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2003
Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0136.
22) Als inderdaad een verplichting ten laste van de werkgever moet worden aangenomen zoals ik die in de voorafgaande alinea's schetste, is een tweede vraag wat het gevolg is van het feit dat de werkgever niet aan de betreffende verplichting heeft voldaan. Het ligt in de rede om ervoor te kiezen, dat de werkgever in dat geval geen beroep meer kan doen op de bijzondere wijze van geschillenbeslechting waaraan hij de werknemer had willen houden: door dat pas "te laat" kenbaar te maken, heeft de werkgever zijn beroep op die mogelijkheid "verspeeld".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ebfa0a158ad064a68086a30567b88a176e54df2b4fd826c90f2af86d5c609cb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ebfa0a158ad064a68086a30567b88a176e54df2b4fd826c90f2af86d5c609cb, en de alinea staat in dat document op bytes 24711 tot 25275.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9ebfa0a158ad064a68086a30567b88a176e54df2b4fd826c90f2af86d5c609cb | shasum -a 256