Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003
Alinea 22 Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0148.
1.2 Eiser tot cassatie (de vader) heeft - voor zover in cassatie nog van belang - bij de rechtbank te Rotterdam in kort geding op straffe van een dwangsom inzage gevorderd in de door de maatschappelijk werker van verweerster in cassatie (de Stichting) opgemaakte contactjournalen. Hij heeft zijn vordering in eerste instantie gebaseerd op art. 1:377c BW, dat bepaalt dat de niet met gezag belaste ouder in beginsel recht heeft op informatie van derden die beroepshalve beschikken over informatie over zijn kinderen. Later heeft hij art. 6 en 8 EVRM aan deze grondslag toegevoegd. Voorts heeft hij gevorderd de Stichting te veroordelen [dochter 1] en [dochter 2] in de gelegenheid te stellen om hun eerste communie te doen in een in overleg met de vader te kiezen kerk alsmede medewerking te verlenen aan alle voorbereidingen die daartoe noodzakelijk zijn, eveneens op straffe van een dwangsom.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9bf48bb5b832a1794462944dc5b6a3cd590bc1deeefd6a44515a55c810f044b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9bf48bb5b832a1794462944dc5b6a3cd590bc1deeefd6a44515a55c810f044b, en de alinea staat in dat document op bytes 6589 tot 7495.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e9bf48bb5b832a1794462944dc5b6a3cd590bc1deeefd6a44515a55c810f044b | shasum -a 256