Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003

Alinea 67 Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0148.

2.1.9 Uit dit arrest van het EHRM kunnen de volgende conclusies getrokken worden. Art. 6 EVRM vereist dat alle bescheiden die door de rechter aan zijn beslissing in een - het family life rakende - zaak ten grondslag worden gelegd, ook voor alle partijen ter inzage dienen te zijn. Dat vloeit voort uit het beginsel van hoor en wederhoor. Het dient ook voor de inschatting van de kansen in hoger beroep.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9bf48bb5b832a1794462944dc5b6a3cd590bc1deeefd6a44515a55c810f044b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9bf48bb5b832a1794462944dc5b6a3cd590bc1deeefd6a44515a55c810f044b, en de alinea staat in dat document op bytes 23903 tot 24319.