Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2003
Alinea 64 Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0175.
2.10 Artikel 7:628 is ingevoerd per 1 april 1997. Noch de vaststellingswet, noch de invoeringswet bevat enige bepaling van overgangsrecht. Aangezien de uitzondering van art. 74 lid 4 Ow zich hier niet voordoet - het eindvonnis van de kantonrechter dateert van 5 december 1997 - heeft het artikel onmiddellijke werking krachtens art. 68a Ow. Van veel belang is dit niet omdat met artikel 7:628 lid 1 geen materiële wijziging is beoogd ten opzichte van het voordien geldende art. 7A:1638d BW(oud). Dit artikel bepaalde dat de werknemer zijn aanspraak op loon behield indien hij bereid was de bedongen arbeid te verrichten, doch de werkgever daarvan geen gebruik heeft gemaakt door eigen schuld of ten gevolge van een hem persoonlijk betreffende, toevallige verhindering. In de rechtspraak is dit aldus ingevuld dat de werknemer ook recht houdt op loon als het verrichten van de arbeid is verhinderd door omstandigheden die voor risico van de werkgever moeten worden gebracht. Art. 7:628 lid 1 beoogt aan deze rechtspraak een duidelijker wettelijke basis te verschaffen.(7)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b917ea0f6c1717c0b0155e45bc57d4df1f99b6941ed00122dec648040491a3d1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b917ea0f6c1717c0b0155e45bc57d4df1f99b6941ed00122dec648040491a3d1, en de alinea staat in dat document op bytes 32822 tot 33906.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b917ea0f6c1717c0b0155e45bc57d4df1f99b6941ed00122dec648040491a3d1 | shasum -a 256