Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2003

Alinea 93 Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0175.

3.5 Ingevolge het arrest Van Haaren/Cehave(21) heeft de gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemer die aanbiedt ander passend werk te verrichten, recht op loon vanaf het tijdstip dat de werkgever zonder deugdelijke gronden in gebreke blijft van dat aanbod gebruik te maken. De gedachte hierachter is dat de werkgever een termijn moet worden gegund te onderzoeken of het redelijkerwijs mogelijk is de werknemer conform zijn aanbod te herplaatsen en daartoe voorbereidingen te treffen. Hoeveel tijd de werkgever daarvoor zal mogen worden gegund zal afhangen van de omstandigheden van het geval. In elk geval kan van hem worden gevergd dat hij daarbij voortvarend te werk gaat en zo snel mogelijk duidelijkheid verkrijgt. Dit volgt uit de eisen van goed werkgeverschap, waarop ook de verplichting tot het aanbieden van ander passend werk is gebaseerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b917ea0f6c1717c0b0155e45bc57d4df1f99b6941ed00122dec648040491a3d1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b917ea0f6c1717c0b0155e45bc57d4df1f99b6941ed00122dec648040491a3d1, en de alinea staat in dat document op bytes 49813 tot 50674.