Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003
Alinea 101 Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0183.
21 Deze gedachte vindt (enige) steun in HR 5 maart 1999, NJ 1999, 644 m.nt. PAS (T(ulkens)/FNV). In die zaak was zowel onheuse bejegening van de werknemer aan de orde, als een (mogelijke) tekortkoming die tot arbeidsongeschiktheid zou hebben bijgedragen. Over het eerste gegeven oordeelde de Hoge Raad dat dat, nadat het in een ontbindingsprocedure aan de orde was geweest, niet opnieuw in een procedure tot verkrijging van schadevergoeding kon worden beoordeeld. Van het tweede gegeven was in cassatie niet betoogd dat hetzelfde het geval zou zijn. Uit de overwegingen met betrekking tot wèl op dit gegeven gerichte klachten (in rov. 3.6 en 3.7 van het arrest) blijkt intussen niet dat de Hoge Raad zou menen dat de rechtbank niet over dit aspect had mogen oordelen (omdat dat in de ontbindingsprocedure al adequaat had kunnen worden beoordeeld).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4acaccebf8b559f18ba43afc07e4703c569273f1052e3d16440c24861c09522e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4acaccebf8b559f18ba43afc07e4703c569273f1052e3d16440c24861c09522e, en de alinea staat in dat document op bytes 43918 tot 44780.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4acaccebf8b559f18ba43afc07e4703c569273f1052e3d16440c24861c09522e | shasum -a 256