Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003
Alinea 78 Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0189.
2.19 Onderdeel 4 betreft rov. 5.5, waarin de rechtbank heeft geoordeeld dat het ingeroepen voorrecht niet kan worden gebaseerd op het bepaalde in art. 3:288 aanhef en onder e, tweede zinsdeel BW, omdat niet is voldaan aan het vereiste dat de werkgever het gevorderde bedrag is verschuldigd uit hoofde van de bepalingen van het BW betreffende de arbeidsovereenkomst (zie hiervóór, 1.5). [Eiser] voert in cassatie aan dat het in eerste instantie van de inhoud van de pensioentoezegging afhankelijk is of en in hoeverre voor de werkgever een affinancieringsverplichting ontstaat. Dat de PSW regelt hoe aan die affinancieringsverplichting dient te worden voldaan, kan daaraan volgens [eiser] niet afdoen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/34578cfaab509a8ba1c5cf4f999883497414e1006f08fdaa4e19a789d1521695. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 34578cfaab509a8ba1c5cf4f999883497414e1006f08fdaa4e19a789d1521695, en de alinea staat in dat document op bytes 37557 tot 38273.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/34578cfaab509a8ba1c5cf4f999883497414e1006f08fdaa4e19a789d1521695 | shasum -a 256