Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2003
Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0201.
Zoals zojuist al bleek kan men zich gemakkelijk gevallen voorstellen waarin het, om aan de eisen van een eerlijke procesvoering te voldoen, aangewezen is dat de rechter en de partijen bij het bezichtigen of afluisteren van bandopnames tegelijk aanwezig zijn, kunnen waarnemen wat zich afspeelt, en daarop met vragen of commentaar kunnen reageren. Bij de beoordeling van schriftelijk materiaal dringt dit "onmiddelijkheidsvereiste" zich (juist) niet op: dergelijk materiaal kan worden verspreid, beoordeeld en becommentarieerd zonder dat het zich als wenselijk opdringt dat dat in gelijktijdige aanwezigheid van alle betrokkenen gebeurt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bfd9f2820a8cc99c7116e3aa2fe422fd553066214e0c94c7d2b5623a0128360a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bfd9f2820a8cc99c7116e3aa2fe422fd553066214e0c94c7d2b5623a0128360a, en de alinea staat in dat document op bytes 15261 tot 15910.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bfd9f2820a8cc99c7116e3aa2fe422fd553066214e0c94c7d2b5623a0128360a | shasum -a 256