Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003

Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0204.

2.4 De derde en laatste klacht luidt zoals gezegd dat het hof een onjuiste, althans onbegrijpelijke afweging heeft gemaakt, nu het in art. 1:253t, vijfde lid sub c BW genoemde criterium (afwijzing indien het belang van het kind zich tegen toewijzing verzet) slechts fungeert als ondergrens. Betoogd wordt dat de rechter het verzoek slechts zou mogen afwijzen indien gegronde vrees bestaat dat bij inwilliging de belangen van het kind zouden worden verwaarloosd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eca3fdc118904b26b83233235b98158e088595095e19061dbaf00a9f0f402992. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eca3fdc118904b26b83233235b98158e088595095e19061dbaf00a9f0f402992, en de alinea staat in dat document op bytes 12286 tot 12761.