Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003
Alinea 53 Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0205.
2.7 Ingevolge art. 8 EVRM had het hof derhalve ambtshalve dienen na te gaan of de man voldoende concrete omstandigheden had gesteld op grond waarvan het bestaan van family life tussen hem en het kind kan worden aangenomen. Het hof heeft dit nagelaten en zijn oordeel getuigt in zoverre van een onjuiste rechtsopvatting. Ik merk op dat in een geval als het onderhavige naar de mening van de wetgever niet snel sprake zal zijn van family life, zie Nota Tweede Kamer, vergaderjaar 1999-2000, 26 673, nr. 5, p. 18 :
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cc5d3b6659389e33af3a98116298eda3470c3da08608a42d40f702e23f2352ae. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cc5d3b6659389e33af3a98116298eda3470c3da08608a42d40f702e23f2352ae, en de alinea staat in dat document op bytes 21881 tot 22405.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cc5d3b6659389e33af3a98116298eda3470c3da08608a42d40f702e23f2352ae | shasum -a 256