Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 januari 2003
Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 3 januari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0218.
2.3 Impliceren deze uitdrukkelijke en ambtshalve gegeven overwegingen nu dat aan de zojuist (onder 2.2, eerste alinea) genoemde voorwaarden is voldaan? Het is niet met volkomen zekerheid te zeggen. Enerzijds lijkt de nadruk die de Hoge Raad hierop legt, inderdaad in die richting te wijzen. Daarbij komt dat de figuren van het herstelvonnis en de herstelbeschikking in die zin een risico in zich dragen, dat de marge van wat nog wel een kennelijke fout is in de uitspraak die zich leent voor eenvoudig herstel en wat niet meer, een kwestie van appreciatie is, die niet verder in regels kan worden gevangen. Dit klemt temeer als één enkele rechter de uitspraak van een meervoudige kamer gaat 'herstellen' en daarbij de grenzen opzoekt van de marges die in het begrip 'kennelijk' liggen besloten. Betrekt men daarbij nog dat tegen een herstelvonnis of -beschikking in beginsel geen rechtsmiddel openstaat (waarover hierna), dan valt te verdedigen dat de openbare orde wel degelijk is betrokken bij handhaving van de regel van meervoudigheid.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf46b0446d8d56acfe7f2dc1535b58b35b59b2df8d19dcc1300a62eb42708e13. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf46b0446d8d56acfe7f2dc1535b58b35b59b2df8d19dcc1300a62eb42708e13, en de alinea staat in dat document op bytes 12890 tot 13945.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bf46b0446d8d56acfe7f2dc1535b58b35b59b2df8d19dcc1300a62eb42708e13 | shasum -a 256