Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0219.

18. De vraag of tot de verplichtingen van de schuldenaar voortvloeiend uit de schuldsaneringsregeling in de zin van art. 350 lid 3 sub c Fw. ook behoort de verplichting om zich jegens de bewindvoerder niet intimiderend en bedreigend op te stellen, behoeft wegens gebrek aan belang geen bespreking. Het Hof heeft de schuldsaneringsregeling immers niet enkel op grond van het in het cassatiemiddel bedoelde incident beëindigd, maar heeft aan de beëindiging mede ten grondslag gelegd dat er nieuwe huurschulden zijn ontstaan waarover de bewindvoerder onvoldoende was geïnformeerd. Deze grond kan 's Hofs oordeel zelfstandig dragen. Het niet naar behoren informeren over schulden kàn immers een reden vormen voor beëindiging van de schuldsaneringsregeling op grond van art. 350 lid 3 sub c Fw. (vgl. HR 19 januari 2001, NJ 2001, 232 en HR 15 februari 2002, NJ 2002, 259 nt. prof. mr B. Wessels). Het middel betoogt niet dat het achterhouden van informatie over de huurachterstand in onderhavige geval niet als een schending van de verplichtingen ex art. 350 lid 3 sub c Fw. mag worden opgevat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28900c5d1e726adffea13ff30d60961e176d413baacb9a86ce9d3af62398dde7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28900c5d1e726adffea13ff30d60961e176d413baacb9a86ce9d3af62398dde7, en de alinea staat in dat document op bytes 13466 tot 14573.