Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 maart 2003

Alinea 59 Parket bij de Hoge Raad 4 maart 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0227.

42. Wat betreft de mededeling van [getuige 2] dat [getuige 1] zou hebben gezegd dat hij de betrokkenheid van verzoeker heeft verzonnen om strafvermindering te krijgen, het volgende. Zoals gezegd, op grond van de herzieningsrechtspraak moet worden geoordeeld dat de enkele stelling dat [getuige 1] een dergelijke mededeling aan [getuige 2] zou hebben gedaan onvoldoende is om aannemelijk te maken dat de eerdere verklaringen van [getuige 1] niet betrouwbaar zijn. Het verzoek zal in ieder geval ook de nieuw gebleken omstandigheid moeten bevatten die de eerdere verklaringen onbetrouwbaar maakt. Het verzoek vermeldt hierover niets meer dan dat [getuige 1] de betrokkenheid van verzoeker heeft verzonnen om strafvermindering te krijgen. Van dat mogelijke motief is het hof zich echter terdege bewust geweest. Het hof heeft juist uitgebreid de betrouwbaarheid van de verklaring van [getuige 1] onderzocht juist in het licht van de daartegenover gestelde strafvermindering. De verklaring van [getuige 2] bevat in zoverre niets nieuws.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2ed2b5ab2f842762bed9d30e2343ccd17dce5068e508108d4879829284faed15. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2ed2b5ab2f842762bed9d30e2343ccd17dce5068e508108d4879829284faed15, en de alinea staat in dat document op bytes 40110 tot 41155.