Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 maart 2003

Alinea 69 Parket bij de Hoge Raad 4 maart 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0227.

49. Ten aanzien van de inhoud van de verklaringen van [getuige 2], [getuige 5] en [getuige 4] kom ik tot de slotsom dat zij niet het ernstig vermoeden wekken dat, ware het hof daarmee bekend geweest, het tot een van de in artikel 457, eerste lid, onder 2°, Sv vermelde beslissingen zou zijn gekomen. In zoverre is de aanvraag dus niet gegrond.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2ed2b5ab2f842762bed9d30e2343ccd17dce5068e508108d4879829284faed15. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2ed2b5ab2f842762bed9d30e2343ccd17dce5068e508108d4879829284faed15, en de alinea staat in dat document op bytes 45362 tot 45719.