Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 april 2003

Alinea 337 Parket bij de Hoge Raad 11 april 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0412.

28 Naast de opvatting van het hof over "onttrekken" valt op dat in r.o. 5.4 voor de bevoegdheid tot het doen van de uitnodiging tot betaling impliciet wordt verwezen naar het bepaalde in art. 22, vierde lid, Wet OB 1968. Aan de vraag of voor de term "In Nederland" in art. 18, eerste lid, onderdeel c, aansluiting gezocht zou moeten worden bij art. 215 CDW, op basis waarvan de Inspecteur in Nederland bevoegd is te heffen, komt het hof niet toe door aan te nemen dat de onttrekking in Nederland heeft plaatsgevonden (zie ook het artikel in Weekblad, genoemd in voetnoot 1). Bedoeld is: Van Brummelen, Een gat in de omzetbelasting bij invoer?, WFR 2000, blz. 1715; JO.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/69ecd66220853986871c7ccdb08aadd1bfaa972793b1dbe0b2aaae2e88e5cbf2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 69ecd66220853986871c7ccdb08aadd1bfaa972793b1dbe0b2aaae2e88e5cbf2, en de alinea staat in dat document op bytes 101576 tot 102257.