Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2003

Alinea 71 Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0646.

'Voorts stellen appellanten dat de oproeping van 6 juni 1996 vals is, althans niet als een oproeping overeenkomstig de statuten kan worden beschouwd, nu die niet van [betrokkene 2] is uitgegaan, hetgeen door geïntimeerden wordt betwist. Het staat vast dat het quorum op de vergadering van 6 juni 1996 niet aanwezig was, zodat er om tot besluitvorming te komen een nieuwe vergadering moest worden uitgeschreven. Als gesteld en niet weersproken moet er van worden uitgegaan dat [betrokkene 2] ter vergadering van 6 juni 1996 overeenkomstig artikel 45 van de statuten door een negental leden is gemachtigd een tweede vergadering bijeen te roepen en wel tegen 17 juni 1996. In het procesdossier bevindt zich een kopie van een convocatie van 6 juni 1996 met in de kop de naam van voornoemde [betrokkene 2], maar zonder diens handtekening. Daarnaast bevindt zich in het procesdossier een wel ondertekende brief van [betrokkene 2] van 7 juni 1996, waarin deze te kennen geeft niet aan het verzoek van de vergadering om een oproep voor de volgende vergadering te doen uitgaan te hebben voldaan. Deze twee stukken in samenhang bezien geven de rechtbank een vermoeden van juistheid van de stelling van appellanten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c899481af406fa7adf60d0b5241b616df5e8ef133ef4083341f58aed9a088e78. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c899481af406fa7adf60d0b5241b616df5e8ef133ef4083341f58aed9a088e78, en de alinea staat in dat document op bytes 16071 tot 17289.