Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003
Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0692.
1.19 Volgens [verweerster] declareerde [curator] maandelijks "als honorarium" bedoelde bedragen. Met ingang van 1 augustus 1991 was sprake van een "doorlopende opdracht (...) werkzaamheden van advocatuurlijke aard" te verrichten; de werkzaamheden werden door [curator] uitgeoefend ten kantore van [verweerster] [curator] kon de werkzaamheden "naar eigen inzicht" inrichten en uitvoeren; dat gold a fortiori voor faillissementen (akte na tussenarrest). [Verweerster] onthult nog dat het belang van de zaak is gelegen in de omstandigheid dat zij krachtens haar WA-verzekering een "franchise" heeft van f 10.000.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6c24d3172f6d6c7364d0a6e42ea34a4d773e4fcd43207b2a80a8cee11e226b1a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6c24d3172f6d6c7364d0a6e42ea34a4d773e4fcd43207b2a80a8cee11e226b1a, en de alinea staat in dat document op bytes 14168 tot 14790.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6c24d3172f6d6c7364d0a6e42ea34a4d773e4fcd43207b2a80a8cee11e226b1a | shasum -a 256