Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003
Alinea 84 Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0692.
2.21 Naar de letter genomen geldt hetzelfde voor de veroordeling in appèl. Rov. 2.8 rept immers van een gehoudenheid van [eiseres] "uitsluitend de door [verweerster] betaalde griffierechten" (ondersteping van mij) te vergoeden. Het Hof heeft zich hier wat slordig uitgedrukt, maar zijn bedoeling is onmiskenbaar dat de gehoudenheid om slechts het griffierecht te betalen slechts ziet op de eerste aanleg. Immers heeft [verweerster] in eerste aanleg geen verweer gevoerd, zo vermeldt het Hof. In appèl heeft zij dat wél gedaan, zoals het Hof blijkens rov. 2.8 uiteraard ook heeft onderkend. Er kan, op zich én gelet op het dictum, geen redelijke twijfel over bestaan dat het Hof [eiseres] in de volledige proceskosten van [verweerster] heeft willen veroordelen voorzover het de appèlinstantie betreft. Voor zover het middel een andere stelling vertolkt, faalt het.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6c24d3172f6d6c7364d0a6e42ea34a4d773e4fcd43207b2a80a8cee11e226b1a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6c24d3172f6d6c7364d0a6e42ea34a4d773e4fcd43207b2a80a8cee11e226b1a, en de alinea staat in dat document op bytes 32865 tot 33746.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6c24d3172f6d6c7364d0a6e42ea34a4d773e4fcd43207b2a80a8cee11e226b1a | shasum -a 256