Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003
Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF0694.
3.4.2.2 Voorts wordt van de benadeelde gevergd dat hij zodanig voortvarend te werk gaat dat hij binnen vijf jaar, gerekend vanaf het moment waarop het vermoeden is ontstaan, in staat is "te besluiten of er voldoende grond bestaat om voltooiing van de verjaring te voorkomen."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3434fc4dbc53633c0564cb577facf16b62a9b19198c2e62d67028caf95e8aca4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3434fc4dbc53633c0564cb577facf16b62a9b19198c2e62d67028caf95e8aca4, en de alinea staat in dat document op bytes 15431 tot 15719.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3434fc4dbc53633c0564cb577facf16b62a9b19198c2e62d67028caf95e8aca4 | shasum -a 256