Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2003

Alinea 77 Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF1301.

4.3 De onder 4.2 sub c genoemde klacht faalt. [eisers] hebben in feitelijke aanleg geen hierop toegespitst verweer gevoerd. Bovendien blijkt uit het bestreden arrest in het geheel niet dat het Hof zou hebben aangenomen dat een of meer van de andere potentiële daders onbekend zijn. Ten slotte volgt uit het debat in feitelijke aanleg dat [eisers] aannemen dat wél bekend is wie de andere brandstichters en brokkenmakers waren. Bij die stand van zaken bestond er voor het Hof geen grond expliciet op deze kwestie in te gaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/14e6b8d880b7cf7c1dc985ca9cc18d3a6d289bbc874cb4e1f367d90f4e22701b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 14e6b8d880b7cf7c1dc985ca9cc18d3a6d289bbc874cb4e1f367d90f4e22701b, en de alinea staat in dat document op bytes 22912 tot 23450.