Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2003

Alinea 83 Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF1301.

4.7.2 Het komt mij voor dat in de meerderheid der gevallen zozeer voor zich spreekt dat een anterieure gebeurtenis ten minste een deel der schade heeft veroorzaakt dat redelijkerwijs valt uit te sluiten dat de posterieure de gehele schade heeft berokkend. In een dergelijke situatie kan een benadeelde m.i. niet (voor de gehele schade) terugvallen op artikel 6:99 BW omdat zijn stelling dat iedere afzonderlijke gebeurtenis de gehele schade heeft bijgebracht onaannemelijk is. Anders gezegd: naarmate het tijdverloop groter is, zal de stelplicht op het stuk van de in artikel 6:99 BW genoemde mogelijkheid strenger worden. In zoverre speelt de "gelijktijdigheid" wel een rol.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/14e6b8d880b7cf7c1dc985ca9cc18d3a6d289bbc874cb4e1f367d90f4e22701b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 14e6b8d880b7cf7c1dc985ca9cc18d3a6d289bbc874cb4e1f367d90f4e22701b, en de alinea staat in dat document op bytes 25349 tot 26037.