Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2003

Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF1568.

Daarentegen vindt in geval van toepasselijkheid van de EG-betekeningsverordening als uitgangspunt überhaupt geen betekening in Nederland plaats. Naar luid van art. 56 lid 2 Rv verzendt de Nederlandse deurwaarder een afschrift van het te betekenen stuk aan een ontvangende instantie ter betekening (buiten Nederland) aan degene voor wie het stuk is bestemd. Weliswaar spreekt art. 56 lid 3 Rv van een betekening aan het kantoor van de procureur in de vorige instantie, maar doet daarmee geen afbreuk aan de in lid 2 voorgeschreven wijze van betekening, die blijkens het slot van de tweede volzin van art. 56 lid 3 Rv ook in het in dat artikellid bedoelde geval onverminderd moet worden gevolgd. De - in wezen parallelle - betekening aan het kantoor van de procureur in de vorige instantie heeft blijkens het derde lid uitsluitend betekenis voor de vraag welke datum als datum van de (op de in lid 2 omschreven wijze buiten Nederland te effectueren) betekening in aanmerking wordt genomen, maar vervangt de betekening in het buitenland niet en draagt daaraan evenmin in enig opzicht bij.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a6c15a4d9838f7563443a3a0453285054d43c95899aafc0f0c924b7cd210ac3f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a6c15a4d9838f7563443a3a0453285054d43c95899aafc0f0c924b7cd210ac3f, en de alinea staat in dat document op bytes 22835 tot 23934.