Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 februari 2003
Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 21 februari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 februari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF1797.
2.7 Uit het voorgaande volgt dat ik deze beginselen beschouw als concretiseringen van de algemene norm van redelijkheid en billijkheid, die (ook) de bij een vennootschap/ onderneming betrokken personen of partijen tegenover elkaar in acht moeten nemen op een wijze, die door de omstandigheden van het geval wordt ingekleurd. Daaraan ligt de gedachte ten grondslag dat het ongewenst is het handelen van het bestuur van een vennootschap of onderneming te toetsen aan een waaier van los van elkaar staande deelnormen, die soms zelfs pas naar aanleiding van de concrete casus worden geformuleerd. Door die normen te herleiden tot één grondnorm wordt consistentie verkregen en ontstaat samenhang zowel tussen die deelnormen onderling als met de gedragsnormen die overigens in het maatschappelijk verkeer hebben te gelden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/be41c122746d60a58a31120eb24efa236cb8f5260fb963095db4beff47505ac2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt be41c122746d60a58a31120eb24efa236cb8f5260fb963095db4beff47505ac2, en de alinea staat in dat document op bytes 23961 tot 24792.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/be41c122746d60a58a31120eb24efa236cb8f5260fb963095db4beff47505ac2 | shasum -a 256