Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2003
Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF1891.
19) Voorafgaand aan de bespreking van de van weerszijden verdedigde klachten lijkt het mij goed even stil te staan bij de mogelijkheid dat het eerste middelonderdeel in het principale beroep gegrond zou worden bevonden. In dat geval zou aan de gedachtegang die het hof aan de beslissing over de kosten ten grondslag heeft gelegd in zoverre de grondslag komen te ontvallen, dat niet langer tot uitgangspunt zou mogen worden genomen dat [eiser] in de zaak met rolnummer 419/97 geheel in het ongelijk is gesteld (dat zou immers nader moeten worden onderzocht aan de hand van de stellingen van [eiser] die, in de hier gehanteerde veronderstelling, ten onrechte door het hof buiten beschouwing zijn gelaten). Gegrondbevinding van onderdeel 1 zou dus kunnen meebrengen dat niet alleen het arrest in de zaak met rolnummer 419/97 voor vernietiging in aanmerking komt, maar ook de beslissing ten aanzien van de kosten in de zaak met rolnummer 418/97 - reeds omdat de overweging die die beslissing draagt geen opgeld (meer) doet.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c6d96902d309a0a053e5952d064019ff982840e1eeaadd682762f0c18efe02e8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c6d96902d309a0a053e5952d064019ff982840e1eeaadd682762f0c18efe02e8, en de alinea staat in dat document op bytes 20768 tot 21800.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c6d96902d309a0a053e5952d064019ff982840e1eeaadd682762f0c18efe02e8 | shasum -a 256