Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2003
Alinea 52 Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF1891.
24) Ik denk dat de rechtspraak van de Hoge Raad die zich onder vigeur van art. 56 Rv gevormd heeft ook deze ruimte laat. Aanwijzingen daarvoor vind ik in HR 23 november 2001, NJ 2002, 386 m. nt. JBMV, ro. 4.1., HR 10 juni 1988, NJ 1989, 30 m. nt. JBMV, rov. 4.2., HR 21 januari 1977, NJ 1977, 487 m. nt. WHH, omtrent het derde middel, en HR 31 maart 1978, NJ 1978, 506, laatste overwegingen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c6d96902d309a0a053e5952d064019ff982840e1eeaadd682762f0c18efe02e8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c6d96902d309a0a053e5952d064019ff982840e1eeaadd682762f0c18efe02e8, en de alinea staat in dat document op bytes 26117 tot 26521.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c6d96902d309a0a053e5952d064019ff982840e1eeaadd682762f0c18efe02e8 | shasum -a 256