Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003

Alinea 162 Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF1906.

6.7 Volgens onderdeel B van middel III heeft het Hof zijn oordeel dat geen sprake is van de inbreng van een tak van bedrijvigheid onvoldoende gemotiveerd. Het middelonderdeel richt zich tegen 's Hofs overweging in onderdeel 5.12 van de Hofuitspraak dat niet aannemelijk is geworden dat hetgeen door belanghebbende in AA BV is ingebracht, een geheel vormt dat op eigen kracht kan functioneren. Anders dan in het middelonderdeel wordt betoogd, is dit oordeel niet onbegrijpelijk en, in het licht van het feitelijk vastgestelde, evenmin onvoldoende gemotiveerd. Middel III faalt derhalve eveneens.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/568a609f505c2cd3dee5991d9944377c56e4a8f71f11913e37c823963486040d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 568a609f505c2cd3dee5991d9944377c56e4a8f71f11913e37c823963486040d, en de alinea staat in dat document op bytes 98931 tot 99538.