Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003
Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF1906.
1.8 Het cassatieberoep van belanghebbende omvat drie middelen. Het tweede en derde middel vallen elk uiteen in twee onderdelen. Het eerste middel bevat de klacht dat het Hof uitgegaan is van een onjuiste rechtsopvatting door te oordelen dat voor de toepassing van art. 14, vierde lid, Wet Vpb. 1969 sprake dient te zijn van de overdracht van een zelfstandig deel van een onderneming in materiële zin. Onderdeel A van het tweede cassatiemiddel behelst de klacht dat het Hof ten onrechte mede betekenis heeft toegekend aan het tijdstip waarop tot sluiting van de cataloguswinkels werd besloten. Voorts heeft het Hof ten onrechte beslissende betekenis toegekend aan het oprichtingstijdstip van AA BV, waarbij de overgangsdatum buiten beschouwing is gelaten, aldus belanghebbende. Onderdeel B van het tweede middel komt met een motiveringsklacht op tegen 's Hofs oordeel dat geen sprake was van de overdracht van een onderneming in materiële zin. Het derde middel keert zich met een rechtsklacht (onderdeel A) en een motiveringsklacht (onderdeel B) tegen 's Hofs oordeel dat niet kon worden gesproken van de inbreng van een tak van bedrijvigheid in de zin van de Fusierichtlijn.(6)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/568a609f505c2cd3dee5991d9944377c56e4a8f71f11913e37c823963486040d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 568a609f505c2cd3dee5991d9944377c56e4a8f71f11913e37c823963486040d, en de alinea staat in dat document op bytes 20596 tot 21788.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/568a609f505c2cd3dee5991d9944377c56e4a8f71f11913e37c823963486040d | shasum -a 256