Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2003

Alinea 16 Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF1926.

7. Door in alle zaken gelijktijdig uitspraak te doen diende het Hof gelet op de door het Hof genoemde onderlinge samenhang van de zaken de kwaliteit van de uitspraak in de onderhavige zaak. Onverenigbaarheden tussen de uitspraken in de zaak van verdachte en die van zijn medeverdachten konden zo worden voorkomen. Voorts staat de bepaling dat de rechter dient te beslissen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in verdachtes zaak (art. 348 en 350 Sv) er niet aan in de weg dat hij bij de beslissing in de onderhavige zaak gebruik maakt van in andere zaken gewonnen inzicht. Dat kan ook verdachtes belang dienen. Maar het belangrijkste is misschien nog wel dat het Hof door het onderzoek te heropenen de mogelijkheid open hield dat hetzij het openbaar ministerie hetzij de verdediging in de zaak van verdachte feiten en omstandigheden die nog in de zaken van zijn medeverdachten aan het licht zouden komen en voor de berechting van zijn zaak ook van belang waren, onder de aandacht van de rechter konden brengen. Dat springt vooral in het oog wanneer wordt bedacht dat sprake was van berechting in hoogste feitelijke instantie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd400412cea7b24b7d3998fbb8de799b45e1bbda944748f640039d45dee715b9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd400412cea7b24b7d3998fbb8de799b45e1bbda944748f640039d45dee715b9, en de alinea staat in dat document op bytes 7203 tot 8358.