Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2003
Alinea 18 Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF1926.
9. De omstandigheid dat uiteindelijk na hervatting van het onderzoek ter terechtzitting geen proceshandelingen van belang hebben plaatsgevonden wijst er in mijn ogen niet op dat het Hof een oneigenlijk gebruik heeft gemaakt van de hem in art. 346 Sv gegeven bevoegdheid. De in nr. 7 genoemde belangen die met gelijktijdige berechting van samenhangende zaken zijn gemoeid, brengen mee, dat het Hof reeds tot het oordeel kon komen dat het onderzoek ter terechtzittingniet volledig was geweest zonder dat het Hof zekerheid had of uiteindelijk nog onderzoek zou moeten worden verricht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd400412cea7b24b7d3998fbb8de799b45e1bbda944748f640039d45dee715b9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd400412cea7b24b7d3998fbb8de799b45e1bbda944748f640039d45dee715b9, en de alinea staat in dat document op bytes 8623 tot 9218.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cd400412cea7b24b7d3998fbb8de799b45e1bbda944748f640039d45dee715b9 | shasum -a 256