Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2003
Alinea 17 Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF1929.
6. De raadsman had er naar mijn inzicht goed aan gedaan zijn bovengenoemde mededeling te onderbouwen. Zonder nadere toelichting roept zij vragen op. Het is, mede omdat het genoemde bedrag uitstijgt boven het bedrag waarvoor de benadeelde partij zich met haar vordering in dit strafproces heeft gevoegd, niet uit te sluiten dat de betaling van de voormalige werkgever een vordering betreft die de benadeelde partij tegen de voormalige werkgever zelf heeft gericht. Daar wijst ook op dat de betaling de uitkomst zou zijn van een schikking.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44d32bf8fce809cbae9fb91c52ef5222044fbe5f9b276ece00dc641e47bfc450. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44d32bf8fce809cbae9fb91c52ef5222044fbe5f9b276ece00dc641e47bfc450, en de alinea staat in dat document op bytes 6677 tot 7228.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/44d32bf8fce809cbae9fb91c52ef5222044fbe5f9b276ece00dc641e47bfc450 | shasum -a 256