Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2003
Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2158.
10. De omstandigheid dat Bruynzeel naar aanleiding van het onderhavige geschil op 29 februari 2000 een brief met bijlagen aan de Kantonrechter heeft toegestuurd, is onvoldoende om te kunnen concluderen dat Bruynzeel heeft geantwoord in de zin van art. 106 lid 1 (oud) Rv. Blijkens de memorie van grieven (nr. 36) van Bruynzeel heeft de Kantonrechter deze brief niet geaccepteerd omdat "schriftelijk en in tweevoud een conclusie van antwoord zou dienen te worden genomen". Bruynzeel heeft hieraan klaarblijkelijk niet voldaan. De constatering van de Kantonrechter dat Bruynzeel niet (regelmatig) heeft geantwoord, strookt overigens met de stelling die Bruynzeel zelf in cassatie heeft betrokken, te weten "dat Bruynzeel in eerste aanleg wel verschenen is, maar geen conclusie van antwoord heeft genomen".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d7621e1e9cae3fbd552f2ab187d9e286342c8ee21a49d89e3be7f4efe5bd4a83. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d7621e1e9cae3fbd552f2ab187d9e286342c8ee21a49d89e3be7f4efe5bd4a83, en de alinea staat in dat document op bytes 11127 tot 11943.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d7621e1e9cae3fbd552f2ab187d9e286342c8ee21a49d89e3be7f4efe5bd4a83 | shasum -a 256