Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003

Alinea 233 Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2161.

3.7 Mijn slotconclusie zal zijn dat de bestreden oordelen van de ondernemingskamer niet blijk geven van een onjuiste rechtsopvatting en voor het overige een waardering behelzen van omstandigheden van feitelijke aard, welke waardering in cassatie slechts op begrijpelijkheid kan worden getoetst. Deze oordelen zijn m.i. ook niet onbegrijpelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc78a86b26fb991abca132ad271809df500a941cacf1fa1277145e570436f29a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc78a86b26fb991abca132ad271809df500a941cacf1fa1277145e570436f29a, en de alinea staat in dat document op bytes 83596 tot 83953.