Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003

Alinea 468 Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2161.

4.4 RNA c.s. zijn ontvankelijk in hun aanvullende cassatieverzoek, nu de in het middel bedoelde processen-verbaal pas na het verstrijken van de cassatietermijn bij brief van de griffier van de ondernemingskamer van 10 juli 2002 zijn ontvangen en de klachten zoals geformuleerd in het aanvullende verzoekschrift niet binnen de cassatietermijn naar voren hadden kunnen worden gebracht omdat daarvoor nu juist de kennisneming van de toen nog ontbrekende processen-verbaal was vereist(143).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc78a86b26fb991abca132ad271809df500a941cacf1fa1277145e570436f29a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc78a86b26fb991abca132ad271809df500a941cacf1fa1277145e570436f29a, en de alinea staat in dat document op bytes 175071 tot 175570.