Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2003

Alinea 86 Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2292.

3.12. De wettelijke regeling van de inbeslagneming is in het voorgaande al aan de orde geweest. Het stelsel van art. 117-119 Sv komt, kort samengevat, hierop neer dat de inbeslaggenomen voorwerpen door de bewaarder worden teruggegeven indien de officier van justitie, de strafrechter (ex art. 353 Sv) of de beklagrechter (ex art. 552a of 552b Sv) zulks gelast. Indien de inbeslaggenomen voorwerpen niet kunnen worden teruggegeven omdat zij inmiddels op de voet van art. 117 (oud) Sv zijn vervreemd, vernietigd, prijsgegeven of tot een ander doel dan het onderzoek bestemd, gaat de bewaarder over tot uitbetaling van de prijs die het voorwerp bij verkoop door hem redelijkerwijs had moeten opbrengen: zie art. 119 (oud) Sv(33). De wettelijke regeling omtrent de teruggave van inbeslaggenomen voorwerpen heeft niet de pretentie dat daarmee alle schade is vergoed.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/160cae478860fdea6d65300ebeca9ea6486d65205d7b2670802dcd9853eef75c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 160cae478860fdea6d65300ebeca9ea6486d65205d7b2670802dcd9853eef75c, en de alinea staat in dat document op bytes 47204 tot 48078.