Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2003

Alinea 13 Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2342.

7. Overigens blijkt uit de gedingstukken, anders dan in het middel wordt gesteld, dat de ontnemingsvordering niet pas aanhangig is gemaakt vlak vóór het verstrijken van de termijn die daarvoor wordt gesteld in art. 511b, eerste lid, Sv, te weten twee jaar na het vonnis van de rechtbank in de strafzaak, maar na één jaar en vijf maanden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a01ce7f87adf8b1fdfeb8e346b626ae89ab78b46a35e6600f82c7a435f64deaf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a01ce7f87adf8b1fdfeb8e346b626ae89ab78b46a35e6600f82c7a435f64deaf, en de alinea staat in dat document op bytes 8054 tot 8408.