Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2003

Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 februari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2343.

22. Het voor de verdachte onherroepelijk worden van de sluiting van het gerechtelijk vooronderzoek werd, uiteraard, bepaald door het tijdstip waarop die sluiting (de 'grote sluiting') hem werd betekend en dus door het wettelijk voorschrift dat die betekening moest plaatsvinden. Dat tot de officier van justitie gerichte voorschrift (art. 238 Sv - OUD) is nu vervangen door het tot de rechter-commissaris gerichte voorschrift de beschikking tot sluiting van het gerechtelijk vooronderzoek aan (de officier van justitie en) de verdachte te doen toekomen (art. 237 Sv).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9055ef6840ee1988619c0c51c2f32e4e8669a4abb806dbf62092c73fb81ccdda. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9055ef6840ee1988619c0c51c2f32e4e8669a4abb806dbf62092c73fb81ccdda, en de alinea staat in dat document op bytes 18539 tot 19119.