Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 april 2003
Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 4 april 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2828.
1.20 Vervolgens heeft de advocaat van [eiser] bij brief van 22 oktober 1999 aan de rolraadsheer geschreven dat zijn rolwaarnemer hem van een en ander in kennis had gesteld maar dat hem niet bekend was op grond waarvan de beschikking tot herziening van het ontslag van instantie was genomen terwijl hem ook geen correspondentie "van de raadsman c.q. procureur van geïntimeerden" bekend was.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5c6c753c29326e96242e6aee67e417502bc719f61a54f10a2bbdeed3efe91953. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5c6c753c29326e96242e6aee67e417502bc719f61a54f10a2bbdeed3efe91953, en de alinea staat in dat document op bytes 11020 tot 11423.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5c6c753c29326e96242e6aee67e417502bc719f61a54f10a2bbdeed3efe91953 | shasum -a 256