Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 april 2003
Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 4 april 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2831.
27. Het bovenstaande brengt mee dat onderdeel 2 in zijn rechtsklacht slaagt. Het Hof is, door te oordelen dat de omstandigheid dat kort tevoren in de maand januari 1999 door het constructiebedrijf [A] onder gelijke omstandigheden laswerkzaamheden zijn verricht in de weg staat aan de conclusie dat het lassen door [betrokkene 1] in de gegeven situatie op zich zelf reeds merkelijke schuld opleveren, kennelijk uitgegaan van de opvatting dat van "merkelijke schuld" in de zin van art. 294 K geen sprake kan zijn wanneer de verzekerde zich niet bewust is van de aanmerkelijke kans dat zijn gedraging schade tot gevolg zal hebben en denkt dat dit gevolg uit zal blijven. Deze opvatting is naar de huidige stand van de rechtsontwikkeling onjuist; het begrip "merkelijke schuld" in de zin van art. 294 K omvat niet het vereiste dat de verzekerde zich bewust is van de aanmerkelijke kans op schade van zijn handelwijze.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b28f290fc1c7e3277209767bccd45ad4ad8ebca546433804a2f080dcff2dd721. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b28f290fc1c7e3277209767bccd45ad4ad8ebca546433804a2f080dcff2dd721, en de alinea staat in dat document op bytes 26885 tot 27812.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b28f290fc1c7e3277209767bccd45ad4ad8ebca546433804a2f080dcff2dd721 | shasum -a 256