Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2003
Alinea 57 Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2833.
3.7 Zoals ook Heemskerk al schreef, lijkt het laatste decennium sprake van een zekere versoepeling van de rechtspraak van de Hoge Raad. In een uitkoopprocedure tussen een vennootschap en het administratiekantoor dat de gecertificeerde aandelen in die vennootschap hield, vorderde een certificaathouder die beslag had gelegd op de aandelen te mogen tussenkomen om zich in het debat over de aan die aandelen toe te kennen waarde te kunnen mengen. De Ondernemingskamer van het Amsterdamse hof weigerde de gevorderde tussenkomst onder aanhaling van de formule uit het arrest van 1956. De A-G Van Soest concludeerde tot verwerping van het daartegen ingestelde cassatieberoep, maar de Hoge Raad vernietigde.(21) Na de in art. 2:201a BW besloten wettelijke regeling te hebben geanalyseerd, overwoog hij:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/af00f660cdca2309bce820d6cfd267fea2da468cf928693cec5b105db74b89cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt af00f660cdca2309bce820d6cfd267fea2da468cf928693cec5b105db74b89cc, en de alinea staat in dat document op bytes 25731 tot 26541.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/af00f660cdca2309bce820d6cfd267fea2da468cf928693cec5b105db74b89cc | shasum -a 256