Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2003

Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2835.

10) Dat de vordering van SFB niet kan worden toegewezen, ligt mijns inziens dan ook in het bijzonder in het feit dat SFB op geen enkele concrete wijze heeft aangegeven welke zelfstandig dragende (los van het publieke recht staande) gronden het civiele recht hiervoor geeft. Bovendien kan, zoals boven is gebleken, aan het feit dat SFB geen overheidsorgaan is, niet een beslissende betekenis worden toegekend. Waar het om gaat is dat niet is aangetoond dat de gevorderde kosten zijn gemaakt om een civielrechtelijke onrechtmatige daad aan het licht te brengen en daarmee een privaatrechtelijk belang te beschermen. Het inzetten van een publiekrechtelijke bevoegdheid, die krachtens de wet strekt ter opsporing van strafbare feiten (art. 110 Organisatiewet sociale verzekering 1997) en daarmee ter bescherming van het openbaar belang, wijst hierop niet. Evenmin is door SFB aangevoerd dat zij de bedoelde kosten in die zin zelf heeft gemaakt, dat zij ten aanzien daarvan niet een overheidsbijdrage ontvangt. Nu ook uit de literatuur niet volgt dat SFB een rechtspersoon is die zichzelf bedruipt zonder steun van de overheid, is er mijns inziens geen grond aan te nemen dat het hier om kosten gaat die onder de bescherming van het civiele recht vallen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b0dbe06f691bda2904ca99417dc1113e6728743bb266bf8721f9cb8790ac0d25. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b0dbe06f691bda2904ca99417dc1113e6728743bb266bf8721f9cb8790ac0d25, en de alinea staat in dat document op bytes 20950 tot 22212.