Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2003

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2848.

2.2 Voor zover in cassatie nog van belang heeft [verweerster] aan deze vordering onder meer ten grondslag gelegd dat de Gemeente niet krachtens een privaatrechtelijke overeenkomst de planschade ex artikel 49 WRO op [verweerster] kan afwentelen aangezien het Regresbeding niet strekt ter bescherming van de planologische belangen ten behoeve waarvan de bepalingen waarvan vrijstelling wordt verleend in het bestemmingsplan zijn opgenomen; in dit verband verwijst zij naar artikel 15 lid 3 WRO. Volgens [verweerster] strekt het Regresbeding niet ter behartiging van de planologische belangen van de WRO en is het Regresbeding derhalve in strijd met de bepalingen van de WRO en dus nietig ex artikel 3: 40 BW (dagv. blz. 2 en cvr sub 16 en 22). Tevens wijst [verweerster] erop dat er geen wettelijke regeling is die de Gemeente het recht geeft een contractueel regres met [verweerster] overeen te komen (cvr sub 18).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7bd27c0f77bf36f9a55345b9feb5ad8961276dee9e345514da638c9d6508c75f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7bd27c0f77bf36f9a55345b9feb5ad8961276dee9e345514da638c9d6508c75f, en de alinea staat in dat document op bytes 8913 tot 9839.