Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003

Alinea 117 Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2969.

11 De Hoge Raad volgt op dit punt een andere koers dan is bepleit door Akkermans, die ervan lijkt uit te gaan dat de onaannemelijkheid van condicio sine qua non-verband in een concreet geval aan toepassing van de omkeringsregel in de weg kan staan, ook als is voldaan aan het vereiste dat de geschonden norm ertoe strekt een specifiek gevaar terzake van het ontstaan van schade bij een ander te voorkomen (zie a.w. p. 131 en p. 138/139). In de opvatting van deze schrijver berust de rechtvaardiging voor, en daarmee ook de toepassing van de omkeringsregel op de optelsom van twee variabelen: de mate waarin een feitelijk vermoeden van condico sine qua non-verband bestaat en de mate waarin de geschonden norm strekte tot bescherming tegen de ingetreden schade (a.w. p. 123-133, i.h.b. p. 132 en p. 135-145, i.h.b. p. 140).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff587d3f10c8bc535153bc287be58f766f5426c2daf05efbb25c2da4b5ade170. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff587d3f10c8bc535153bc287be58f766f5426c2daf05efbb25c2da4b5ade170, en de alinea staat in dat document op bytes 51861 tot 52696.