Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF2969.

Dit onderdeel faalt m.i. bij gebrek aan feitelijke grondslag. Het arrest van het hof moet m.i. zo worden begrepen, dat het hof als voornaamste aan Fino verweten tekortkoming heeft aangemerkt de inadequate "alarmopvolging". In de (uitgebreide) rechtsoverweging 5 onderzoekt het hof achtereenvolgens voor de eerste en de tweede inbraak of Fino op het punt van de alarmopvolging aan haar verplichtingen heeft voldaan. In de eerste volzin van r.o. 6 volgt dan de conclusie uit dat onderzoek: het is niet komen vast te staan dat in dezen sprake is van een tekortkoming of onrechtmatig handelen "in bovenbedoelde zin", met andere woorden in de zin van de door het hof in r.o. 4 gegeven omschrijving.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff587d3f10c8bc535153bc287be58f766f5426c2daf05efbb25c2da4b5ade170. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff587d3f10c8bc535153bc287be58f766f5426c2daf05efbb25c2da4b5ade170, en de alinea staat in dat document op bytes 19513 tot 20219.